Cor Twisk (1904–1942)

De tuinder Cor Twisk was vanaf de oprichting in 1932 lid van de afdeling Uitgeest van de CPN. In 1935 wint de CPN twee zetels in de gemeenteraad. Cor neemt samen met lijsttrekker Jan Brasser zitting in de raad. Ook bij de verkiezingen in 1939 is de CPN goed voor twee zetels.

Cor Twisk

In de zomer van 1936 organiseert de Uitgeester CPN een kampeervakantie bij Lage Vuursche, gemeente Baarn. Enkele dagen van tevoren hebben zij een vergunning aangevraagd en zijn zonder tegenbericht vertrokken. Nadat op zaterdagavond een agent is langs geweest, moeten de kampeerders zich maandagochtend melden op het politiebureau. Omdat bij navraag door de burgemeester van Baarn in Uitgeest blijkt dat de vergunningaanvrager, Cor Twisk, een communistisch gemeenteraadslid is, wordt hen het kamperen ontzegd. Cor staat ook op de lijst ‘links-extremistische personen’ van de inlichtingendienst uit 1939.

In de nacht van 13 op 14 oktober 1941 worden zes Uitgeesters van hun bed gelicht. Naast Cor Twisk zijn dat de broers Rinus en Jaap Tromp, Gerrit Jan van Bennekom, Bertus van Tongeren en Cees Ris. Allen zijn in meer of mindere mate betrokken bij de verspreiding van de illegale krant. Er volgt een verhoor op het gemeentehuis van Uitgeest door Nederlandse medewerkers van de Sicherheitsdienst en de dorpsagent.

De zes worden in vrachtwagens geschopt en naar de Amsterdamse gevangenis Weteringschans gereden, waar ze zes weken verblijven. Ze worden vervolgens overgebracht naar de gevangenis aan de Amstelveenseweg, waar ze zevenenhalve maand worden vastgehouden. Daarna gaan ze naar kamp Amersfoort, waar ze voor het minste of geringste worden afgeranseld. Na Amersfoort begint voor de Uitgeesters een zwerftocht langs verschillende kampen.

Cor wordt in september 1942 op transport gesteld naar het Duitse concentratiekamp Neuengamme. Bij zijn vrouw Aagt wordt een briefje bezorgd dat door een spoorwegarbeider tussen de rails is gevonden: “We dit vindt, breng het naar het vermelde adres. We zijn in de trein geschopt, Jaap, Rinus, Bertus en ikzelf, en zijn op weg naar Duitsland. Weten niet wat we tegemoetgaan. Vaarwel, vaarwel!!!”

Van de gearresteerden Uitgeesters overlijdt Rinus Tromp als eerste, gevolgd door Cor Twisk op 21 december 1942. Ook Jaap Tromp en Bertus van Tongeren overleven de oorlog niet. Alleen Cees Ris en Gerrit Jan van Bennekom keren terug.

In De Waarheid van 7 mei 1945 wordt hij herdacht: “Cor Twisk van Uitgeest was een der eerste kameraden, die de strijd tegen marteling en mishandeling van nazibeulen niet langer kon dragen. Hij stierf aan een “hartaandoening” in het Duitse kamp Neuengamme, waar zijn gezondheid te zwaar werd getroffen. Zelf tuinder zijnde, had hij een groot aandeel gehad in het organiseren van tuinders en boeren. Hij was een bewust Marxistisch strijder en bleef dat onder nazi-bezetting, wat hem noodlottig werd. Hij had steeds zijn beste krachten aan de Communistische partij gegeven, hetgeen hij o.m. als raadslid heeft bewezen.”

Een zus van Cor plaatst op 29 juni 1945 een oproep in De Waarheid omtrent haar broer: “Kan iemand mij nog iets mededelen omtrent mijn broer Cornelis Twisk die verblijf hield vanaf Oct. 1942 tot 21 Dec. 1942 te Neuengamme bij Hamburg en daar is overleden. Onkosten worden vergoed.”

In een brief voor het nooit verschenen gedenkboek van de CPN beschrijft de afdelingssecretaris van de partij Cor als “door vriend en vijand gewaardeerd”.

“Zijn marxistische ontwikkeling stond op een hoog peil. Al met al betekent het voor Uitgeest een zwaar verlies, niet alleen wat betreft zijn politieke ontwikkeling, doch Twisk was een buitengewoon sympathiek figuur, die als zoodanig zich zeer veel invloed wist te verwerven onder zijn bedrijfsgenoten, de kleine tuinders en boeren.”

Bronnen:

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *