Anna van der Burgh–Loman (1894–1945)

Anna van der Burgh–Loman werd samen met haar echtgenoot, Martinus, op 25 juni 1941 in Haarlem opgepakt. De arrestaties maakten onderdeel uit van de “CPN-Aktion” van de Duitse bezetter.

Na de Duitse inval in de Sovjet-Unie, op 22 juni 1941, werden honderden Nederlandse communisten opgepakt in een poging de ondergrondse CPN te vernietigen. De bezetter maakte daarbij ook gebruik van het vooroorlogse inlichtingenwerk van de Nederlandse politie.

Een groot aantal van de opgepakte communisten kwam via kamp Amersfoort terecht in concentratiekampen in Duitsland. Martinus stierf in 1942 in kamp Neuengamme. Anna kwam terecht in kamp Bergen-Belsen. Daar overleed zij in april 1945.

Bronnen:

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *